In dit blog bespreek ik de verschillen tussen risico’s zoals die binnen een organisatie kunnen voorkomen en zoals die in de maatschappij kunnen voorkomen. Recentelijk zie ik steeds vaker dat andere organisaties zoals overheidsinstellingen ook risico management gaan toepassen. Dit kan toegevoegde waarde hebben, maar dat is niet vanzelfsprekend. Niet elke organisatie is even succesvol in de toepassing en maar al te vaak worden methodes van banken gekopieerd. Sommige van deze methodes zijn waardevol en bruikbaar in organisaties die geen bank zijn (of een soortgelijke financiële instelling), maar vaak is het beter om de aanpak toe te spitsen op het vraagstuk wat er ligt.
Dit geldt ook voor risico’s met een verschillende oorsprong. Maatschappelijke risico’s hebben andere kenmerken, vaak meer stakeholders en een minder scherpe kosten/baten afweging dan organisatorische risico’s. Gezien deze punten ben ik dan ook geen voorstander van eenzelfde aanpak. Dit licht ik hieronder verder toe.
De verschillen tussen organisatorische risico’s en maatschappelijk risico’s
Organisatorische risico’s komen voort uit processen, die al dan niet plaatsvinden in (tijdelijke) projecten. Het zijn dus geen strategische risico’s, maar risico’s zich elke dag, week of maand komen voordoen. Bij uitzondering ook minder vaak, als het proces maar één keer per jaar voorkomt. Dit is bijvoorbeeld het geval bij het opstellen van de jaarcijfers: dit gebeurt procesmatig en is aan veel regels gebonden, maar gebeurt maar één keer per jaar. Juist door deze korte tijdshorizon worden gevolgen makkelijk zichtbaar en is daar goed op te sturen. Het aantal stakeholders is vaak beperkt, zoals een aantal werknemers, klanten etc. Bij de kosten/baten afweging kan vaak redelijk precies berekend worden wat de voor- en nadelen zijn en welke route gekozen moet worden.

Bijvoorbeeld: bij de aanvraag van een hypotheek worden veel controles uitgevoerd, hier zijn vaak maar enkele medewerkers bij betrokken. Het onterecht afwijzen of onterecht accepteren van een hypotheek is vervelend, maar heeft op zichzelf staand bijzonder weinig invloed op de gehele portefeuille van de geldverstrekker. Voor de klant kan het wel vervelend zijn, bij een afwijzing zijn er vaak genoeg alternatieve geldverstrekkers en bij een onterechte acceptatie is een klant vaak wel gedekt middels het onderpand en/of een verzekering. Daarnaast: de kosten van automatisering van bepaalde stappen in de proces kunnen vergeleken worden met de handmatige verwerking door mensen waarmee eenvoudig te zien is of de investering de moeite waard is.
Maatschappelijke risico’s komen zelden voort uit processen, maar komen vaak voort uit de wereld om ons heen. Ze zijn vrijwel nooit tijdelijk, maar kunnen wel variëren in hoe sterk ze aanwezig zijn in onze omgeving. Ze komen weinig voor in onze persoonlijke omgeving, waardoor we – vaak onterecht- – denken dat ze überhaupt niet bestaan. Zo zie ik veel huizen ’s avonds onverlicht als er niemand thuis is, dat vráágt om inbrekers. Maar als je nog nooit een inbraak in je nabije omgeving hebt meegemaakt, dan kun je denken dat de kans op een inbraak bij jou te vewaarlozen is. Hierbij zijn verschillende cognitieve biases aan het werk, zo kunnen prospect theory en confirmation bias een rol spelen (bron: wikipedia). Toch spreken de cijfers voor zich.
De stakeholders die betrokken zijn bij een maatschappelijk risico zijn zeer divers en bestaan vaak uit grote groepen (burgers, plaatselijke bewoners, bedrijven etc). Verliesaversie (ik schreef er mijn scriptie over) speelt hier vaak een rol: mensen die een (mogelijk) verlies ervaren roepen altijd harder dan mensen die neutraliteit en/of een positief effect ervaren. Dit zie je vaak bij nieuwe plannen voor een wijk: de tegenstanders roepen het hardst, omdat zij het gevoel hebben iets te verliezen. Juist door de diverse groepen en de grote hoeveelheid mensen die tevreden gesteld moeten worden is het beheersen van deze risico’s vaak lastig.

Maar het sterkst werkt toch wel de tijd: de termijn waarop een maatschappelijk risico zich voor kan doen overschrijdt vaak meerdere decennia. Er wordt al sinds de jaren ’80 gewaarschuwd voor precies datgene wat er nu gebeurt (klimaatverandering), maar de status quo bias i.c.m. verliesaversie schrikt mensen af van nú actie ondernemen (en daarvoor bijvoorbeeld meer belasting moeten betalen) ten faveure van mogelijk een positief effect over 40 jaar.
De overstromingen in België, Duits, Nederland, China en India, de bosbranden in Canada, de V.S., Australië, Rusland en het Middellandse Zee gebied, de droogte in Afrika tonen aan dat die 40 jaar bijna om zijn. Dit zijn problemen die 5, 10, 20 jaar geleden aangepakt en wellicht voorkomen hadden kunnen worden, maar dat deden we niet (bron, bron, en bron). Nu heeft de VN een duidelijk rapport uitgebracht waaruit blijkt dat we hard af stevenen op meerdere humanitaire rampen. Overigens zul je genoeg mensen horen die ten prooi vallen aan de hindsight bias: “tja, dat hadden we toch kunnen weten?”.
Het laatste kenmerk van maatschappelijke risico’s: het is vaak erg moeilijk om individuele actie (minder vliegen), of overheidsingrijpen (zoals investeren in mentale gezondheidszorg) te koppelen aan een positief gevolg (minder snelle opwarming van de aarde, respectievelijk een gezonde bevolking). Negatieve gevolgen vaak wel, want minder vliegen betekent dat je nú minder ver en vaak kunt reizen (dat beperkt jouw vrijheid). Meer overheidsuitgaven betekenen vaak hogere belastingen en dat merk jij direct in je portemonnee. Maar de kortere wachtlijsten zien de meeste mensen niet.

Hoe pak je maatschappelijke risico’s aan?
In theorie heel simpel, in de praktijk ingewikkeld: pak de combinatie lange termijn horizon/negatieve korte termijn gevolgen aan. Hak een proces in meerdere stukjes en communiceer duidelijk wat je gaat doen, wáárom je dat doet, waarop die beslissing gebaseerd en waarom alternatieven (waaronder niks doen!) niet gekozen zijn en hoelang het kan duren voordat positieve effecten merkbaar zijn. Daarnaast: wees duidelijk over de kans van slagen en dat het positieve effect mogelijk ook bestaat uit het uitblijven van negatieve effecten.
Dit is geen wondermiddel en geen recept voor 100% zekerheid en tevredenheid. Maar communicatie van de tijdslijnen en begrip voor het onbegrip zijn wel nodig om medestanders te creëren. Overigens is Nederland dat al een keer gelukt: de Deltawerken kostten meer dan 25 jaar om te voltooien. En toch was er niemand die twijfelde aan het nut noch de noodzaak. Het lijkt mij handig als we nu niet eerst honderden mensen laten omkomen.